De regeling is weer open voor aanvraag en sluit op 7 september 2021 om 17.00 uur.

Het aanvragen van subsidie kan bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Op de website zijn alle formats en aanvraag gerelateerde informatie te vinden. Het aanvragen van subsidie gaat digitaal via het E-loket, vraag hiervoor tijdig een E-herkenning aan. Deze tender is geopend van 6 juli tot en met 7 september 2021 17.00 uur. In december 2021 ontvangt u bericht over uw subsidieaanvraag. In bijgaand stappenplan staat alles op een rij.
Als bijlagen stuurt u uw projectplan mee. Bij meerdere aanvragers in een consortium, moet de penvoerder daarnaast voor elke deelnemer een ondertekende machtiging meesturen.

Als eerste stap toetst RVO of de projectaanvragen aan de toelatingsvoorwaarden voldoen: is de aanvraag op tijd ingediend, volledig, en voldoet de aanvraag aan en de vereisten in artikelen 3.21.6 en 3.21.10. over afwijzingsgronden en informatieverplichtingen? Vervolgens worden de projectvoorstellen inhoudelijk beoordeeld. Alle aanvragers ontvangen van RVO een ontvangstbevestiging. De beoordeling van projectvoorstellen vindt plaats met de rangschikkingscriteria uit de regeling. Hoe beter projecten aan deze criteria voldoen, hoe hoger ze worden gerangschikt. In de regeling en toelichting is dit toegelicht.

In december 2021 ontvangt u bericht over uw subsidieaanvraag. De uitbetaling van de subsidie vindt plaats begin 2022. Er wordt dan een voorschot van 90% van de toegekende subsidie betaald aan de projectdeelnemers. Waarbij elke projectdeelnemer naar rato van zijn deelname in het project wordt uitbetaald.

Met uw aanvraag stuurt u uw projectplan mee. Verhoog de kans op succes en zorg dat het project zo goed mogelijk aan alle rangschikkingscriteria voldoet. Tip: Wees concreet en kernachtig. Omschrijf waarom het in uw beleving een goed project is en maak duidelijk waarom het volgens u aan alle rangschikkingscriteria voldoet. Het model projectplanformat kan helpen om het zo duidelijk mogelijk op te schrijven. In het model projectplan ziet u wat RVO in het projectplan terug wil zien om uw project te beoordelen aan de hand van de criteria. De aanbevolen omvang van het projectplan is maximaal zes pagina’s. U vindt het document hier.

Ja dat mag na de ontvangstbevestiging die u van Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) ontvangt. Het is dan wel voor eigen risico. De kans bestaat dat later blijkt dat het project niet voor subsidie in aanmerking komt.

Bij het aanvragen van de subsidie verklaren alle projectdeelnemers in het aanvraagformulier (aanvinken) dat er compliance is aan de staatssteuneisen. Nadat bekend is dat het project zodanig gerangschikt is dat het in principe voor subsidie in aanmerking kan komen, ontvangt u van RVO bericht dat u verplicht bent binnen een week voor alle deelnemers volledig ingediende de-minimis verklaringen aan te leveren. Lukt dat niet dan komt het project niet voor subsidie in aanmerking en zal het naast hogere gerangschikte project gevraagd worden de verklaringen aan te leveren.

In hoofdstuk 4 van het Kaderbesluit Nationale EZ-subsidies is geregeld welke projectkosten voor subsidie in aanmerking komen. Let op BTW komt niet voor subsidie in aanmerking. In het Kaderbesluit EZK-subsidies staan berekeningsmethodieken voor het berekenen van loonkosten. U kunt daarbij kiezen voor 60 euro per uur en twee alternatieve methoden. Er geldt geen maximum voor externe inhuur. Een externe (3e partij) mag opgevoerd worden voor gerealiseerde kosten (ex BTW) mits dat volgens een marktconform bedrag is.

Voor de projectbegroting volstaat een tijd-activiteiten-kostenoverzicht. De RVO ontvangt bij voorkeur geen gedetailleerde begroting. Een totaalbegroting die op projectniveau opgebouwd is per deelnemer is voldoende, daarbij moet iedere deelnemer voor minimaal € 25.000 project-gerelateerde voor subsidie in aanmerking komende kosten maken voor het project. De maximale looptijd van het project mag twee jaar zijn. U bent wel verplicht om een goede boekhouding bij te houden voor het project. RVO doet steekproeven. Als het project in een steekproef valt bent u verplicht administratief aan te kunnen tonen dat de projectkosten zijn gemaakt. Lukt dat niet dan bestaat de kans dat de subsidie moet worden terugbetaald.

Kosten van externe leveranciers kunnen als kosten derden voor in een project voor subsidie in aanmerking komen. Let daarbij op dat BTW niet voor subsidie in aanmerking komt. Er geldt geen maximum voor externe inhuur. Een externe (3e partij) mag opgevoerd worden voor gerealiseerde kosten (ex BTW) mits dat volgens een marktconform bedrag is.

Alle aanvragen hebben gelijke kans.

Aan het eind van het project, de looptijd is maximaal twee jaar, vraagt u bij RVO vaststelling van de subsidie aan. Bij deze aanvraag hoort als bijlage een prestatieverklaring en een kort verslag dat de doelen van het project zijn bereikt. Er hoeft geen accountverklaring te worden overlegd. Nadat de eindverantwoording is goedgekeurd ontvangen de projectdeelnemers de laatste 10% van de subsidie.

Een ondernemer die een project zelfstandig wil uitvoeren, kan een subsidie van maximaal € 124.999,- aanvragen. Voor een project dat in samenwerking wordt uitgevoerd kan een subsidie van maximaal € 200.000,- aangevraagd worden. Het maximumbedrag per deelnemer aan een samenwerkingsverband is € 124.999,-. De ondergrens is dat elke subsidieaanvrager minimaal € 25.000,- voor subsidie in aanmerking komende kosten moet maken voor het project. Denk hierbij bijvoorbeeld aan loonkosten die direct gerelateerd zijn aan de uitvoering van het project. In hoofdstuk 4 van het Kaderbesluit Nationale EZ-subsidies is geregeld welke projectkosten voor subsidie in aanmerking komen.

Staatssteun
Overheden kunnen ondernemingen over een periode van drie belastingjaren tot € 200.000,- steunen zonder dat dit ongeoorloofde staatssteun oplevert. Als dit plafond is bereikt, mag aan de onderneming in het betreffende jaar geen steun meer worden verleend. Als u de subsidie toegekend krijgt moet u hier een verklaring (de-minimisverklaring) over invullen. Mocht u de subsidie krijgen, dan wordt u geholpen bij het invullen.

Mkb-ondernemingen kunnen zelfstandig een projectvoorstel indienen of in samenwerking met andere mkb-ondernemers. In het laatste geval kan er meer subsidie worden aangevraagd dan bij een zelfstandig project. Als een project in samenwerking wordt uitgevoerd mogen ook grote bedrijven en niet-ondernemers zoals brancheorganisaties en onderwijsinstellingen mee doen in het project. Voorwaarde is dan wel dat iedere deelnemer, dus ook bijvoorbeeld de brancheorganisatie, minimaal € 25.000 kosten maakt voor het project. Daarnaast is vereist dat 65% van het aantal deelnemers in de samenwerking een mkb-onderneming is.

Onder leercultuur verstaan we een organisatiecultuur waarin leren tijdens het werk en het op peil houden van kennis en ervaring vanzelfsprekend is.

Het moet gaan om knelpunten en oplossingen die liggen binnen het deelnemend mkb-bedrijf zelf, of, in het geval van een samenwerkingsverband, de deelnemende mkb-bedrijven. Het is een vereiste dat de leercultuur in de eigen onderneming wordt versterkt. Het project mag geen betrekking hebben op knelpunten en oplossingen die buiten de eigen onderneming(en) liggen. Neem een idee dat als oogmerk heeft om via publiek-private samenwerking het onderwijsaanbod beter aan te laten sluiten bij de behoeften van een bedrijf. In dat geval word er een knelpunt bij een onderwijsinstelling aangepakt, en niet bij een bedrijf zelf. Er is geen effect op de leercultuur van de eigen onderneming.

Alle projecten hebben dezelfde kans en worden dezelfde manier getoetst aan de hand van de rangschikkingscriteria en afwijsgronden in de regeling.

Het leveren van een eigen financiële bijdrage door de deelnemers aan een project is niet verplicht. De regeling biedt de mogelijkheid om de met het project samenhangende kosten voor 100% te subsidiëren. Uiteraard is het wel noodzakelijk dat de deelnemers het project zelf uitvoeren.

Ja, dat kan. Een stichting of vereniging kan onder bepaalde voorwaarden als mkb-onderneming worden aangemerkt. Let wel, in de aanvraag moet duidelijk staan aangegeven welke entiteit type organisatie de aanvraag indient. Indien een vereniging zijn aanvraag als mkb-onderneming wil indienen, moet dit in de aanvraag dus ook expliciet worden aangegeven. Indien een stichting of vereniging als ‘andere organisatie’ (dat wil zeggen: niet als ondernemer) wil deelnemen aan een samenwerkingsverband kan deze niet ook als mkb’er worden beschouwd. Dit is relevant omdat ten minste 65% van het totaal aantal deelnemers mkb’er moet zijn.

Opschaalbaarheid is een rangschikkingscriterium dus hoe duidelijker hoe beter. We zijn op zoek naar projecten waarin concrete toepassing van de projectresultaten na de projectperiode eenvoudig kan plaatsvinden bij mkb-ondernemers.

Ja, een project mag mislukken, maar wel moet blijken dat er 100% inspanning is geleverd om het te laten slagen. Overleg altijd met RVO bij substantiële wijzigingen, mogelijk kan er worden bijgestuurd of kan een andere oplossingsrichting worden gekozen.